Henk Medema
13
JANUARY

Christelijke media: Koninkrijksdenken

Het is voor de christelijke media tijd, om met Star Trek te spreken, to boldly go where no one has gone before – en niet stil te blijven zitten in de loopgraven. Loopgraven horen bij de vorige eeuw, waarin het christendom zich ingroef tegen wat men toen noemde secular humanism. Daaronder werd alles begrepen wat moeilijk te begrijpen was, en wat niet op het eerste gezicht de test van vertrouwde bijbelse richtlijnen kon weerstaan. In de laat-negentiende en (vooral) de twintigste eeuw had de moderniteit de overhand, ook in het denken van christenen. Wij hadden, dachten we, het geloof in onze theologische vingers; voorzover dat niet het geval was, moest je daar krachtig naar streven. De veel bredere cultuurstroom, de Verlichting, omvatte niet alleen het moderne ongeloof, maar ook ons eigen, ‘modern’, gefundeerde christendom. Ruwweg viel deze moderniteit samen met de periode van het Boek, van kaft tot kaft. De fronten waren duidelijk: wij met z’n allen tegen de wereld. Geloof tegen ongeloof en anders-geloof. En over de condities van dit gevecht waren we het met de ongelovigen eens: op basis van rationele scherpzinnigheid moest deze strijd worden gestreden. De tijd van die loopgraven is voorbij, is er eigenlijk nooit geweest. Het Koninkrijk is midden onder ons, zegt Lukas 17 vers 21. Jezus, de Koning Zelf is in ons en onder ons, zoals Hij midden onder de mensen was in zijn aardse leven. Dáár was zijn strijd – niet tegen de mensen, maar tussen de mensen. Daar ligt ook ons front, niet tegen de ongelovigen, maar tegen de geestelijke machten in de hemelse gewesten, Efeze 6 vers 10vv.   Waar staan de christelijke media in dit koninkrijksdenken? De golven die de moderniteit omver hebben geworpen, hebben nu (eindelijk, onvermijdelijk) ook ons bereikt. Het is de na-moderniteit, inderdaad: het is een post-moderne cultuur. Waarom zouden we daar bang voor zijn, trouwens? Jawel, als zich een postmodernisme aandient dat niet meer van enige waarheids-idee wil weten, dan moeten we ons tegen deze arrogantie verzetten. Maar is het eigenlijk niet hoog tijd dat die andere moderne arrogantie verdwijnt, die van onszélf? We hebben trouwens geen keus meer. De media zelf veranderen in een razend tempo. Carl Raschke, in zijn boek The Next Reformation, zegt bijna terloops maar terecht: media is not about reality, it IS reality. De techniek vormt de communicatie, en die is wezenlijk: waarheid of leugen, liefde of haat, licht of duisternis. Er is een realiteit (al of niet virtueel, al of niet digitaal) in de mensen en om hen heen, waarin wij worden opgenomen, en waarin wij ruimte moeten maken – niet voor onszelf, maar voor de Koning, de Heer, voor Jezus. The community of the King.   De wereld van het gedrukte boek trilt op z’n grondvesten, of die fundamenten nu christelijk zijn of niet. De kranten en tijdschriften hebben het ook zwaar te verduren: teruglopende advertentie-verdiensten, zware gevechten om de gunst van potentiële abonnees. Met de omroepen gaat het óók al helemaal niet goed, vooral nu het kabinet de open verbinding naar de nieuwe media wil afsluiten. Het is spannend. We kunnen, hoe spijtig dat ook is, ons als christelijke media niet meer afzijdig houden, en dat is niet alleen omdat het zuilenlandschap niet meer bestaat. De crisis van onze tijd is die van de communicatie zélf. Enerzijds zie je aan de consumentenkant de langzame, maar soms snelle verschuiving in het gebruik van media. Van tv naar internet of combinaties. Ontlezing. Vervanging van leeskeuzes. Nieuwe leesmogelijkheden: digital devices (internet, e-books, iPod, iPhone, iPad, en allerlei andere tablets) Anderzijds is er aan de producentenkant een structurele verandering waar te nemen in de bedrijfskolommen. De rol van de boekhandel staat op het spel, en bijgevolge ook de functie van de tijdschriften- en boekengrossiers. Beiderzijds kan de stelling worden verdedigd dat consumenten en producenten worden vermengd. Iedereen kan in deze tijd consument én producent worden. Er wordt wel, met een toespeling op de culturele scharnierperiode kort na de uitvinding van de boekdrukkunst, gesproken over ‘het algemeen priesterschap’ van de media-gelovigen. Wie gelooft, mag ’t zeggen.   Wat doen wij, de spelers in het veld? De boeken-uitgevers, de kranten-uitgevers, de tijdschriften-uitgevers, omroep-organisaties, boekverkopers, auteurs, enzovoorts? Het gaat niet alleen om de christelijke cultuur, het gaat om de héle cultuur – maar het is wél van belang hoe wij daar als christenen in gaan staan. Een enorme uitdaging: ons hergroeperen, niet rondom onze eigen belangen, maar die van de Koning. Ik ben heel erg benieuwd naar de respons, vooral vanuit de christelijke media…  

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

12
september
Ik houd mezelf JHWH voor, voortdurend’ (Psalm16:8) ‘Waak over mij, God!’ (Psalm 16:1)   Soms (vaak, misschien wel altijd) weet

Lees verder >>

01
september
interTXT   U6   Vijfentwintig kilometer boven NImes vind je zonder problemen het plaatsje Uzes. Wij zijn daar wel eens

Lees verder >>

23
july
Zou het niet prachtig zijn als er zo’n tempel was, net als bij Ezechiël, waaruit een rivier stroom die leven

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief