Henk Medema
11
MARCH

De kleren hebben geen keizer: over de gebroken pijplijnen van het (on)recht

Ken je het sprookje van Andersen uit 1837, over de keizer die geen kleren had? Dit is het omgekeerde: het gaat over kleren zonder keizer. Over onrecht tegen mensen. De rechtssystemen van deze wereld zijn een soort vogelverschrikkers zonder dat er een persoon onder zit.  Een lege huls.
Veertig jaar geleden deed ik, als jonge student in de rechtswetenschappen, een tijdje juridische research in het Vredespaleis. Juist een jaar geleden is er een boek verschenen van twaalf schrijvers van wie ik er één was, en dat boek is geschreven op een steenworp afstand van datzelfde Vredespaleis, in het gebouw van International Justice Mission Nederland. Het boek heet ‘Moderne Slavernij: het onbeschrijfelijke beschreven’, en het onderwerp was onrecht tegen mensen, (te) kort geformuleerd: slavernij. Minder kort gezegd valt er een boel ellende onder. Prostitutie. Orgaanhandel. Werken zonder juridisch raamwerk in de kobaltmijnen of in de textielindustrie, meestal dan ook nog door kwetsbare vrouwen en kinderen. Waarom? Geldzucht, een enkelvoudige hartstocht: mensen in je eigen greep hebben en houden voor vuig gewin.
 

In de woorden van Openbaring 18:13 waar de koopwaar van de grote stad Babylon beschreven wordt: ‘… kaneel, reukwerk, mirre, wierook, wijn, olie, meelbloem en tarwe, lastdieren en schapen, paarden en wagens, en lichamen en zielen van mensen.’ Zo zit het onrecht in de wereld, dat slavernij heet, in elkaar. Commercie. Handel in mensenlijven: prostitutie, maar ook zoiets als orgaanhandel. Handel in mensenarbeid: de prijs omlaag drijven, en de inspanning opdrijven. Handel in mensenzielen, het ontnemen van innerlijke vrijheid.
Wegkijken van zulk gruwelijk gedoe is makkelijk, het is ook verleidelijk, maar het is niet goed. Juist christenen moeten zien wat hier gebeurt, wat ongerechtigheid is, en hoe het Koninkrijk van God zich daar faliekant tegen keert - en dus ook de discipelen van Jezus.
‘Allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God’ (Romeinen 3 vers 23 Herziene Statenvertaling). Wij weten het een en ander van de zonde in ons hart, en van de collectieve zonde die de hele wereld in z’n greep heeft. Jezus, het Godslam, is de enige die deze zonde wegneemt. Wie Hem als Verlosser kent, hoeft niet meer tegen de zonde te strijden, maar is ervan gereinigd - geprezen zijn Naam!
Maar behalve dat innerlijke bederf is er ook een uitwendige macht, waar we wél tegen moeten strijden. ‘U hebt in uw strijd tegen de zonde uw leven nog niet op het spel gezet’ (Hebreeën 12 vers 4). Alles op alles zetten in deze strijd tegen de macht van de duisternis! Strijden tegen het systeem van de zonde, het onrecht, en tegen de jammer die erdoor wordt veroorzaakt. Je inzetten met alle energie, in de kracht van de Heilige Geest.
In de rustige stad op de Veluwe, waar ik woon, kennen we zulk onrecht bijna niet. Iemand wil me iets boosaardigs aandoen, maar gelukkig, ik ontwaar aan de overkant van de weg een politieman, en ik begin hard te roepen. De boosdoener rent weg, natuurlijk. Zo gaat het in Apeldoorn, en in Abbekerk, en zelfs (meestal) in Amsterdam. Als wij vanuit die plaatsen naar Afrika of Azië reizen, hebben we niet eens in de gaten dat het daar heel anders is, want de Nederlandse overheid strekt z’n beschermende hand via ambassades en consulaten daar ook over je uit. Waar we nauwelijks oog voor hebben, is dat in de woonplaats Armoede het recht geen veiligheid biedt.
De arbeiders in Qatar die de stadions en de wegen construeren voor het wereldkampioenschap voetbal in 2022, hebben geen rechten en kunnen nergens terecht. De kinderen in de kobaltmijnen in Oost-Congo, waar grondstoffen voor onze mobieltjes vandaan komen, hebben zelf geen mobieltjes om een advocaat te bellen, en al zouden ze die wel hebben, dan kunnen ze ‘m niet betalen - trouwens: in Congo is maar één advocaat op ruim 11.000 inwoners (tegenover één op de 666 in het moederland België), en die ene advocaat woont ‘toevallig’ niet in de buurt van de kobaltmijnen. De werkers in de textielindustrieën in Bangladesh hebben zelfs bij dodelijke catastrofes (zoals de ramp in Rana Plaza in mei 2013) geen toegang tot een rechter, simpel omdat ze dood zijn of zwaar gewond, of anders omdat de rechters voor zulke dingen geen interesse hebben, en dus geen thuis geven.
Gary Haugen, directeur van International Justice Mission, duidt dit verschijnsel in 2010 in zijn boek The Locust Effect aan als ‘de gebroken pijpleidingen’ van het rechtssysteem. Wat er ook maar in de wet staat, wat de jurisprudentie van een land ook aanduidt, je hebt er niks aan als het systeem verrot is. Een duivelse mix van juridisch onrecht en ethische vuiligheid.
Ik citeer Haugen: ‘Aan micro-leningen voor nieuwe naaimachines hebben de armen niets als de plaatselijke politie hun winsten steelt. Beroepsopleidingen bieden geen hulp aan mensen die in de gevangenis gegooid zijn omdat ze een omkoopbedrag niet wilden betalen. Landbouwgereedschappen hebben geen nut voor weduwen van wie het land is gestolen. Plaatselijke medische klinieken kunnen geen hulp bieden aan werknemers' (slaven!) die geen toestemming krijgen om de fabriek te verlaten, zelfs niet als ze ziek zijn.’
Wat moet je ermee? Wat zet je er tegenover? Liefde is niet genoeg. Als ongerechtigheid niet krachtig en radicaal wordt ontmaskerd, heb je nieuwe kleren zonder keizer.
Gerechtigheid is ook niet genoeg. Streng rechtvaardig te denken en zelfs te handelen - dat is nodig, maar God is niet alleen rechtvaardig. Hij houdt ontzettend veel van ieder mens, zelfs van hen die wij helemaal niet zien zitten.
Vandaag denk ik aan de vrouwen die dag in dag worden afgebeuld voor hun pooiers. Aan de kinderen die lange uren zwoegen in de steengroeves - van de leeftijd van m’n kleinkinderen die elke dag vrolijk naar de basisschool gaan. Ze wonen ver weg - maar niks doen is geen optie. Via organisaties zoals International Justice Mission valt er ook écht wat te doen.
De kleren hebben een Koning. Zijn naam is Jezus. Als wij onszelf met Hem bekleden, wordt Hij in ons zichtbaar.
 
Bestel het boek hier:
http://www.ijmnl.org/shop/15/het-onbeschrijfelijke-beschreven.html
 

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

12
september
Ik houd mezelf JHWH voor, voortdurend’ (Psalm16:8) ‘Waak over mij, God!’ (Psalm 16:1)   Soms (vaak, misschien wel altijd) weet

Lees verder >>

01
september
interTXT   U6   Vijfentwintig kilometer boven NImes vind je zonder problemen het plaatsje Uzes. Wij zijn daar wel eens

Lees verder >>

23
july
Zou het niet prachtig zijn als er zo’n tempel was, net als bij Ezechiël, waaruit een rivier stroom die leven

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief