Henk Medema
03
APRIL

De Leider door het lijden: The Passion 2015

‘Mag ik dan bij jou?’ Het liedje van Claudia de Breij werd in The Passion gebracht als een duet tussen Petrus en Jezus. In de lijdenstijd denken wij eraan hoe Jezus sterk was in het lijden, en hoe iemand als Petrus een verloochenaar van Jezus werd (in Enschede fietste hij zelfs zonder licht rond…) - maar Gethsemane laat ook de ultieme zwakheid zien van de Heer. In doodsangst zocht Hij steun bij zijn Vader, maar ook, tevergeefs, bij zijn discipelen.
Jezus, de leider in het lijden. De mens, de Zoon van God die zélf leed, en de zijnen door de afschuwelijke nacht van het lijden heen leidde. Dat was, terugkijkend naar The Passion 2015, de indruk die me het meest bijbleef.
Het kwam natuurlijk ook doordat precies op het moment waarop het enorme tv-spektakel plaats vond, de berichten op onze smartphone en tablets binnen kwamen uit Garissa, Kenya. Het was een heftig gebeuren, dat daar rond 150 jonge mensenlevens op brute wijze werden beëindigd, de meesten omdat ze discipelen van Jezus waren. Ik moest denken aan de woorden van Augustinus: God heeft maar één Zoon zonder zonde, maar Hij heeft niet één zoon zonder lijden. En we staan er weer middenin, in deze mensenwereld vol wreedheid en gruweldaden.
 

In deze dagen ben ik ‘toevallig’ aan het studeren en schrijven over leiderschap, speciaal de zogenaamde U-theory van Otto Scharmer. Een heel boeiende en niet onomstreden eenentwintigste-eeuwse visie op hoe je het beste leiding kunt geven. Om het (te!) kort te zeggen: niet leiden vanuit het verleden, op basis van opgedane ervaringen en verzamelde informatie. Maar zoals Scharmer zegt: ‘leading from the future as it emerges’, leiden vanuit de toekomst zoals die naar je toe komt. Wat vreemd klinkt dat! Otto Scharmer tekent een U, en wijst op het diepste punt van de lijn die deze letter vormt. Daar ligt, zo zegt hij, je ‘blinde vlek’, de kern die je veelal niet in beeld hebt: je diepste zelf. Je moet afdalen tot in de diepte van je ‘ik’ om de lijn van de U te kunnen volgen, naar boven. En dat kan alleen op het scherp van de snede, op de messcherpe lijn tussen verleden en toekomst: het nu. In uiterste afhankelijkheid, want het verleden is er niet meer, daar kun je niet op leunen; de toekomst is er nog niet, die stormt met een snelheid van zestig seconden per minuut op je af.
Over God en over Christus spreekt Otto Scharmer niet, laat staan over bekering en berouw; hij is geen evangelist. Maar ik kan niet anders dan, speciaal op de Goede Vrijdag van 2015, aan Jezus denken.
Ontlediging, vernedering - dat zijn de woorden die gebruikt worden in Filippenzen 2:5-10. Jezus bleek meer dan ooit te zijn wie Hij echt was: de Zoon van God, en wonderlijk: ook de mens zoals nog niemand ooit mens geweest was.  ‘Jullie kennen de genade van onze Heer Jezus Christus: Hij werd, rijk zijnde (en blijvend, zo kun je de Griekse woorden lezen!) terwille van jullie arm: door de armoede van zo Iemand moest je rijk worden’ - zo zou mijn ietwat vrije vertaling van 2 Korinthiërs 8:9 luiden.
 
De beelden van de vorige avond gaan weer door m’n gedachten. En de liedjes, waarvan ik er vele eerlijk gezegd niet kende. Maar wel deze, van Ramses Shaffy, die Petrus zingt: ‘Laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan!’ Nee, dat doet Jezus niet, want Hij weet dat er teveel op het spel staat, mensenlevens, de hele wereld zelfs. We horen Bridget Maasland de wandelaars in de processie interviewen, en vragen wat ze hier brengt, en alles is goed, ‘alles mag’, zegt ze. In deze nacht is dat eigenlijk niet waar. De oranje overall waarin Jezus gekleed wordt en de zwarte doek die over z’n hoofd gegooid wordt - die laten zien dat er iets níet meer kan.
Dat in Enschede het ergste lijden van de Heer, als telkens aan het slot van The Passion, nogal onbeholpen als informatie werd doorgegeven - nou ja. Als je aan het einde je ogen maar open doet voor wat niet zichtbaar is, wat je moet geloven zonder het te zien, om door Jezus, de lijdende Leider, meegenomen te worden. En dat mag dan ook in de woorden van Bløf: ‘Open je ogen voor mij, loop je geluk niet voorbij’.  Ga dwars door je blinde vlek heen, door de duisternis heen naar het licht.
 

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

12
september
Ik houd mezelf JHWH voor, voortdurend’ (Psalm16:8) ‘Waak over mij, God!’ (Psalm 16:1)   Soms (vaak, misschien wel altijd) weet

Lees verder >>

01
september
interTXT   U6   Vijfentwintig kilometer boven NImes vind je zonder problemen het plaatsje Uzes. Wij zijn daar wel eens

Lees verder >>

23
july
Zou het niet prachtig zijn als er zo’n tempel was, net als bij Ezechiël, waaruit een rivier stroom die leven

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief