Henk Medema
10
MARCH

De tijd dat je zweeft

De tijd dat je zweeft

Toen Cees Pols zijn novelle DE TIJD DAT JE ZWEEFT schreef, en het verhaal liet spelen in Uruzgan, had hij er natuurlijk geen idee van dat in februari 2010 het kabinet Balkenende IV zou vallen over de kwestie Uruzgan, luttele weken voor de Boekenweek. De Boekenweek valt vrijwel samen met de Week van het Christelijke Boek, en dan verschijnt dit boek als promotiegeschenk van het BCB, de branche-organisatie voor het christelijke boek- en muziekvak. ‘Jongens waren we, maar aardige jongens.’ Aan deze openingszin van Nescio uit 1908 is het motto 
van de 75e Boekenweek ontleend: Titaantjes - Opgroeien in de letteren. Jongens zíjn de beide militairen Brian en Jarno, de hoofdpersonen van dit verhaal. Brian sneuvelt direct aan het begin van het verhaal, en Jarno verliest zijn beide benen, kort nadat hij een man en een kind heeft gedood. Van hem worden de gedachten en overwegingen beschreven in de eerste tijd van zijn revalidatie. De titel is ontleend aan de sport die de beide jongens beoefenden vóór ze samen in dienst gingen, het kite-surfen, waarbij de uitdaging telkens was wie er het langst in de lucht kon blijven. Tussen hemel en aarde. De wereld die hier tot ons komt is een gebroken wereld, waarbij steeds de vraag tot ons komt: is de ene kant passend te maken bij de andere kant? De hemel bij de aarde? Brian bij Jarno? Jarno bij Kirsten? De bovenkant van Jarno bij zijn onderkant? De vermoorde taliban bij het vermoorde kind? Het eiland bij de wal? De ene helft van het vlaggetje bij de andere helft? En hóe past het een dan bij het ander? Uruzgan is een symbool van een gebroken wereld. In de novelle wordt niet, zelfs niet impliciet, een standpunt ingenomen over de vraag of we er goed aan doen (of deden) als Nederlanders in Afghanistan aan het werk te gaan. Het slot brengt ons bij Noëlle, een ‘vredesweduwe’, zoals Jarno de jonge weduwe van Brian noemt. Er is geen sjaloom, er is wel een vermoeden van vrede. De barsten in deze wereld lijmen, dat kunnen zelfs de aardige Hollandse jongens niet. Een boek dat ons aan het denken zou moeten zetten, dat mag je van een christelijk ‘boekenweekgeschenk’ verwachten. Is het dat ook? Het ‘wrijft’wat te weinig. Ik moedig niet aan dat een boek met een vloek moet beginnen (zoals het boekenweekgeschenk van dit jaar), maar met een zucht misschien wel. Bloed krijgt een belangrijke plek in het verhaal, maar je schrikt er toch niet genoeg van. God speelt een rol, maar Hij veroorzaakt niet voldoende frictie, vond ik. ‘Een boek moet zijn als een bijl, waarmee de bevroren zee binnenin ons wordt opengehakt’ – een beroemde uitspraak van Franz Kafka, die al lange jaren tegenover mijn bureau hangt. De bijlslag had wat steviger kunnen aankomen, dieper onder de oppervlakte, maar die beoordeling kan uit de aard der zaak alleen persoonlijk zijn. Wat al met al blijft, is de herinnering aan een gebroken wereld.

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

14
october
Koning Willem Alexander komt óók, op 31 oktober 2017, in de Domkerk in Utrecht, en ik mag er met honderden

Lees verder >>

08
october
Geloof in iets dat groter is dan wat jezelf bent. ‘Goedertierenheid’ noemt NRC-columnist Bas Heijne dat, ‘bevlogenheid’ mag het van

Lees verder >>

30
september
VEILIG, HEILIG, ENIG   ‘De HEER is mijn licht, mijn heil, wie zou ik vrezen? Bij de HEER is mijn

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief