Henk Medema
10
AUGUST

Het sprookje van mevrouw B. Oekh-Andelaar

Mevrouw B. Oekh-Andelaar hield van de wereld. Dat wil zeggen: van de wereld die je kon zien. In die wereld had je Boeken, met een grote B, precies zoals bij de voornaam van mevrouw Oekh – voornaam wás ze, reken maar. Van de andere wereld hield zij geenszins, heel eenvoudig omdat die andere wereld onzichtbaar was, en daar hield mevrouw Oekh niet van. Waar hield ze nog meer niet van? Bijvoorbeeld van de deurtjes die zich tussen de ene en de andere wereld bevonden, want die waren ook onzichtbaar. Mensen die deze deurtjes wel gebruikten, noemden ze media. Alleen al dat woord vond mevrouw Oekh ronduit occult.   Van de wereld echter hield zij buitengewoon veel, niet alleen omdat dit de vindplaats was van de reeds gemelde Boeken. Maar ook omdat daar Mensen waren. Het aardige was: die Mensen hoefde je maar een beetje om te draaien, en dan werden ze heel wat anders. Consumensen bijvoorbeeld. Beetje fout, maar het leverde wel weer wat op. Wat ze niet wisten is dat je er maar een handvol letters vanaf hoefde te halen, en dan waren ze echt. Misschien werden ze soms op een rare manier onzichtbaar - was dat nou occult? Raar. Maar door die deurtjes, die media heetten, konden ze toch zomaar zichtbaar worden. Mevrouw Oekh - dat had ik u nog niet verteld, maar dat moet u toch echt weten - noemde zichzelf een handelaar in Bedrukt Papier. Zij was er zelf een beetje bedrukt van geworden, maar dat nam ze op de koop toe, want om die koop ging het, daarbij wreef zij zich telkens weer vergenoegd in de handen. Maar wat ze niet zag, wat tóch zo was – alwéér zoiets onzichtbaars! – was dat de consumensen de winkel niet verlieten met bedrukt papier, maar met Inhouden. Zij noemden dat ook wel content, want dat was precies wat de toestand van hun hart het beste beschrijft als ze de deur van mevrouw Oekh weer achter zich dicht deden. Content. En dus kwamen ze terug, telkens weer. Mevrouw Oekh zag dat wel, maar zag het tegelijk heel anders: ze nam deze mensen, die telkens weer de ingang en de uitgang vonden, op de koop toe, en dat was aardig. Want ze bleven komen, en bij de koop hoorde steeds weer een toetje. Tot op een dag – het moet ergens in het begin van de eenentwintigste eeuw geweest zijn – de consumensen niet meer kwamen. Het druppelde eerst nog een beetje door, maar je kon al zien hoeveel minder het was. Het consumeren was voorbij. Je kon ze niet meer op de koop toe nemen, want de koop was er niet meer, en het toetje al helemaal niet. Tenslotte hield het op. Er was niets bedrukts meer, behalve dan de ziel van mevrouw Oekh, maar die was zeker niet van papier, en was dat nooit geweest, zelfs niet toen ze nog juffrouw Andelaar was. En die Inhouden dan, die (hoe noemden we dat ook weer…) content? Die was er nog wél, en wel duizendvoudig in de hartjes van al die mensen, die nu die andere deurtjes door waren gegaan, en die deze nieuwe manier van doen eerst wel wat gek vonden, maar er tenslotte steeds beter mee konden leven.Want in die onzichtbare wereld zagen ze steeds meer mensen – zónder consu! – en dat voelde heerlijk. Gezellig. Gemotiveerd. Ze leerden elkaar steeds beter kennen, en herkennen. Steeds meer kregen ze het gevoel dat ze bij eenzelfde (hoe zeg je dat?) stam hoorden. Mevrouw Oekh zagen ze zelden meer, die zat bedrukt achter haar waren. En de mensen gingen nog even kijken op het web, en zetten zich toen vrolijk achter hun stam pot. En natuurlijk, laten we dat niet vergeten: ze leefden nog lang en gelukkig.  

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

14
october
Koning Willem Alexander komt óók, op 31 oktober 2017, in de Domkerk in Utrecht, en ik mag er met honderden

Lees verder >>

08
october
Geloof in iets dat groter is dan wat jezelf bent. ‘Goedertierenheid’ noemt NRC-columnist Bas Heijne dat, ‘bevlogenheid’ mag het van

Lees verder >>

30
september
VEILIG, HEILIG, ENIG   ‘De HEER is mijn licht, mijn heil, wie zou ik vrezen? Bij de HEER is mijn

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief