Henk Medema
01
JULY

Kerk. Ambt. Beweging. Mannen, vrouwen.

De maandagmorgen van deze week begon nog wat vroeger dan anders, want er waren veel dingen te doen. Onder een snel ontbijt kon ik nog het Nederlands Dagblad lezen. Een interview met de drie deputaten m/v, over de synode GKV (wie deze afkortingen niet kent: lamaar ff). Wie het met mij gelezen heeft, kan zich mijn gevoelens voorstellen: beetje triest. ‘s Avonds herlas ik het interview, de triestheid overwolkte me opnieuw.
Met de kerk héb ik wat. Zelfs met de vele kerken waar ik geen lid van ben, waaronder de GKV. M’n mogelijkheden en inzichten zijn maar beperkt, overal tegelijk kan ik niet zijn. Ik hou vooral van de vele, vele mensen die óók van Jezus houden. Dat klikt, elke keer als ik ze ontmoet.
Met synodes heb ik geen klik. Veel ervan heb ik niettemin toch wel gevolgd. Want onderwerpen als kerk, beweging, ambt, mannen en vrouwen, dat interesseert me zelfs zo erg dat ik erover wil studeren, en schrijven, en studeren en nóg meer schrijven; misschien wordt het wel een dissertatie, we zullen zien.
Wat me triest maakte, was niet zozeer de theologische stellingname, al was ik het er niet mee eens, maar vooral de communicatiecultuur die er (kennelijk) was.
De synode kunnen we niet overdoen. Maar vragen heb ik wél. Zeven, voor dit moment. (Soms zijn ze stiekem, of openlijk, toch stellingen…)
 

1. Kerk. - Wat is de kerk: een beweging of een instituut, een organisme of een organisatie? Of beide? Als je dat laatste antwoord geeft, wordt de vraag wel klemmender hoe het één zich met het ander verhoudt. Alleen een levende beweging is verplaatsbaar, en is vatbaar voor missie. Alleen een instituut kan blijven zitten, en is vatbaar voor synodes.
 
2. Beweging. - De kerk beweegt zich in de wereld, ze is zélf onderweg naar de voltooiing. Maar het gaat juist om de beweging onderweg, in het Koninkrijk van God, dat er nog niet is, maar er toch wél is. Hoe moet je je dat voorstellen, de werkzaamheid van de Geest, door de kerk, in de wereld? Niet alleen door een paar actievelingen, maar in de volle breedte, via al haar leden, misschien wel - maar hoe ziet dat er dan uit? Ik ben geen lid van een landelijke denominatie, alleen van een plaatselijke gemeente. Maar wij allen moeten ons die vraag stellen op welke manier ‘onze’ kerk herkenbaar deel heeft aan de missio Dei, de weg die God Zelf in deze wereld gaat.
 
3. Sturing. - Hoe is in de kerk ‘bestuurlijkheid’ - in het Engels: governance - geregeld? Via de ambten van ouderling, diaken en predikant, of via ‘het ambt aller gelovigen’? Maar hoe werkt dat dan precies? En moet je hiervoor niet antwoorden in de algemene Godsopenbaring zoeken, veeleer dan in de Bijbel? Waarvoor dient een synode eigenlijk (en natuurlijk weet ik best waarom dat sinds 1944 een extra heikel punt is)? We zijn momenteel in onze thuisgemeente bezig met een proces om tot een andere leiderschapsweg te komen - ga d’r maar aan staan!
 
4. Ambt en leiderschap. - Wat moeten wij überhaupt met het ‘ambt’? Iedere bijbelkenner weet dat dit woord nergens in de Bijbel voorkomt, wat natuurlijk niet wegneemt dat het wel als ‘concept’ of ‘idee’ denkbaar is, net zoals ‘Drie-eenheid’ of ‘Voorzienigheid’, enzovoorts. Maar zou het ook niet een lastig, want buitenbijbels of zelfs onbijbels concept of idee kunnen zijn? Als we die vraag ook maar éven toelaten, dan gaat het hele m/v vraagstuk er heel anders uitzien.
Waar hoort het ambt trouwens thuis: in de categorie ‘leiderschap’ of in de categorie ‘communicatie’? Is een ambtsdrager een herder en leraar - en misschien ook nog een beetje evangelist, als onbekeerde mensen in de  buurt van de kerk komen? Maar om Efeze 4 erbij te halen: zijn er dan geen apostelen en profeten meer? Kunnen we ze herkennen, of herkenbaar maken: van God gezonden mannen en vrouwen die ons de weg wijzen, en woordvoerders van God die zijn wil op het goede moment weten te spreken?
 
5. Gezonden. - Via het ambt, of via wat dan ook: als de kerk missional wil zijn (d.w.z. in de missio Dei, de zending van God), dan moet er toch sturing aan gegeven worden? Maar dat kan  toch alleen als álle leden van het Lichaam zich bewegen, als discipelen? Als je een kerk hebt, heb je nog geen discipelen, omgekeerd wél. Vormt de missie de kerk, of vormt de kerk de missie? (Dit is nauwelijks meer een vraag, dat voel je met je klompen aan…).
 
6. Gaven. - Het zal vast niet zo gereformeerd zijn, maar toch (denk ik dan in mijn eenvoudige evangelische zieltje) toch nog wel een beetje bijbels: kwamen in het beeld van het Nieuwe Testament niet bedieningen op vanuit een gemeente waarin de charismata (de genadegaven van God) groeien en bloeien uit het leven van alle gelovigen, mannen en vrouwen - want ieder heeft toch wat gekregen?
 
7. Mannen en vrouwen. - Ieder. Dus. Precies. Bestaat het Lichaam van Christus niet uit álle gelovigen, die samen Hem representeren, zowel mannen en vrouwen? En bestaat de manier waarop zij de Heer ‘voorstelbaar’ maken juist niet uit hun hele existentie, en uit al hun relaties, zowel onderling als naar andere wereldburgers? Zo is het; zo zijn wij een bewegend ‘verhaal’ van de grote daden van God, op Pinksteren verkondigd onder het beslag van de vuurvlammen van de Geest, daarna voortgezet in de eindeloze diversiteit van onze levens, die dwars door het vuur gaan met de Heer. Mannen, vrouwen. Rijken, armen. Hoog- en laagopgeleiden. Jongeren, ouderen. Families en alleenstaanden. Zij allen verkondigen in hun eigen taal de grote daden van God.
Ik blijf ervan dromen, en eraan werken.
 

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

12
september
Ik houd mezelf JHWH voor, voortdurend’ (Psalm16:8) ‘Waak over mij, God!’ (Psalm 16:1)   Soms (vaak, misschien wel altijd) weet

Lees verder >>

01
september
interTXT   U6   Vijfentwintig kilometer boven NImes vind je zonder problemen het plaatsje Uzes. Wij zijn daar wel eens

Lees verder >>

23
july
Zou het niet prachtig zijn als er zo’n tempel was, net als bij Ezechiël, waaruit een rivier stroom die leven

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief