Henk Medema
22
APRIL

Leiderschap, discipelschap. Jezus, wij, & Gods Koninkrijk

Als je in de kerk een soort ‘discipelschap’ hebt zonder leiderschap, komt er van dat discipelschap weinig of niets terecht. Als je leiderschap hebt zonder discipelschap, krijg je misschien een kerkenraad of een oudstenteam, maar geen levende beweging van discipelen.

Dit stond een paar dagen geleden als een one-liner op twitter. Sommige lezers op social media hebben zich er nogal aan gestoord. Zó streng mag je niet zijn! Je hebt het over kerkenraden en andere vriendelijke en hardwerkende geloofsgenoten!

Weet je wat: we zeggen het nóg eens, en dan anders. Denk er nog maar eens over na: Jezus. Wij. En het koninkrijk van God. Dat was het onderwerp van mijn preek vanmorgen, en jawel: het bleek ook te gaan over de Heer, over discipelschap en over leiderschap.

 

Jezus: de HEER staat in het centrum. Om Hem heen staan de discipelen: deze gewone mensen worden door Hem gemaakt tot leerlingen, gevormd tot wat ze graag willen worden, namelijk beelddragers van de Eerste, het unieke Beeld van God. De Heer was discipel als geen ander, luister maar: ‘God de Heer gaf mij een vaardige tong, een oor om rechtvaardig te horen’ (Js50:4). ‘Een leerling moet worden als zijn leermeester en een slaaf als zijn Heer’ (Mt10:25).

Wij: discipelen, dat zijn we allemaal, open, afhankelijk wachtend, gezonden, de Heer omringend. En jawel,  als discipelen zijn we ook leiders. Ambtsdragers of niet, dat is een andere vraag, die aparte benadering vergt. Maar leiding géven we.  Apostolisch geven sommigen van ons de richting aan waarheen wij HEM door de wereld zien trekken; profetische woorden spreken wij als Hij ze ons aanreikt; als evangelisten breiden wij de volheid van de blijde boodschap ongehinderd uit; zowel als herders alsook als leraars raken we de mensen namens HEM (Ef4:11). Ik wou maar zeggen dat leiderschap niet van discipelschap gescheiden kan worden. Leiders zoeken discipelen, discipelen zoeken leiders. In een proces van afhankelijk gebed.

Het Koninkrijk: het terrein waarop wij ons bevinden is Gods Koninkrijk. Dat is de kern van de aanwezigheid van God in deze wereld, het is het terrein van het onmiskenbare leiderschap van God en van de Geest. En de openheid van dit terrein van absoluut gezag toont zich juist in de belofte van de Vader, waaraan wij allen, discipelen, ons vreugdevol vastklampen. Dit Rijk is van God, niet van ons.

 

Is dat nou niet schitterend? Ja. En hoe dat dan verder gaat van het één naar het ander, van leiderschap naar discipelschap en zo weer rond, dat is niet een thema waarover we elkaar verdrietig of verwijtend moeten aankijken. Wel serieus, en verbaasd, en dankbaar.

 

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

12
september
Ik houd mezelf JHWH voor, voortdurend’ (Psalm16:8) ‘Waak over mij, God!’ (Psalm 16:1)   Soms (vaak, misschien wel altijd) weet

Lees verder >>

01
september
interTXT   U6   Vijfentwintig kilometer boven NImes vind je zonder problemen het plaatsje Uzes. Wij zijn daar wel eens

Lees verder >>

23
july
Zou het niet prachtig zijn als er zo’n tempel was, net als bij Ezechiël, waaruit een rivier stroom die leven

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief