Henk Medema
03
JULY

(ON)RECHT: KLEREN ZONDER KEIZER

Trein en tram brachten me deze week naar International Justice Mission in Den Haag, en ook weer terug. Het was een sprekerstraining, maar indringend werden wij - zo’n vijftien of twintig m/v - geconfronteerd met recht en onrecht. Vooral met het laatste.
Peinzend, onrustig zat ik bij zonsondergang in het openbaar vervoer dat me terugbracht naar het station waar mijn fiets stond, en vandaar nog geen tien minuten (het was nu bijna middernacht) naar onze comforabele woning.
Ik preek niet iedere zondag, maar wel veel zondagen. En ik realiseerde me dat dit thema in de meeste evangelische gemeenten maar zelden aan de orde komt, en dat ik er ook nauwelijks wat aan doe. Zouden we dit niet ter sprake moeten brengen? Kan het, mag het? Bij jullie in de gemeente?
Je mag wel even proeven. Hieronder staat een stukje dat ik november geschreven heb voor het boek van Schrijvers voor Vrijheid. We lieten ons een etmaal opsluiten in het IJM-kantoor om elk een hoofstuk te schrijven. Dit is een stukje van mijn hoofdstuk.
 

Van ‘gerechtigheid’ hebben we vaak een te oppervlakkig beeld gehad. De juridische normen stonden in wet en jurisprudentie. Met een beetje scherpzinnigheid kon je die helder in beeld krijgen. Daarna was het alleen nog maar een kwestie van toepassen.
Ja. Dat had je gedroomd. In die droom kun je leven als je onderdaan bent van een geciviliseerd land als Nederland. Iemand wil me iets boosaardigs aandoen, maar gelukkig, ik ontwaar aan de overkant van de weg een politieman, en ik begin hard te roepen. De boosdoener rent weg, natuurlijk.
Zeker. Zo gaat het in Amsterdam, en in Apeldoorn, en in Abbekerk. Als wij vanuit die plaatsen naar Afrika of Azië reizen, hebben we nog niet eens in de gaten dat het daar heel anders is, want de Nederlandse overheid strekt z’n beschermende hand via ambassades en consulaten daar ook over je uit. Waar we geen of nauwelijks oog voor hebben, is dat in de woonplaats Armoede het recht geen veiligheid biedt. De pijplijnen zijn verrot. Ze vormen geen sluitend juridisch systeem, maar ze zijn ook door de zonde aangetast.
 
De arbeiders in Qatar die de stadions en de wegen construeren voor het wereldkampioenschap voetbal in 2022, hebben geen rechten en kunnen nergens terecht. De kinderen in de kobaltmijnen in Oost-Congo, waar grondstoffen voor onze mobieltjes vandaan komen, hebben zelf geen mobieltjes om een advocaat te bellen, en al zouden ze die wel hebben, dan kunnen ze ‘m niet betalen - trouwens: in Congo is maar één advocaat op ruim 11.000 inwoners (tegenover één op de 666 in het moederland België), en die ene advocaat woont ‘toevallig’ niet in de buurt van de kobaltmijnen. De werkers in de textielindustrieën in Bangladesh hebben zelfs bij dodelijke catastrofes (zoals de ramp in Rana Plaza in mei 2013) geen toegang tot een rechter, simpel omdat ze dood zijn of zwaar gewond, of anders omdat de rechters voor zulke dingen geen interesse hebben, en dus geen thuis geven.
Gary Haugen, directeur van International Justice Mission, heeft dit verschijnsel in 2010 op een symposium in Den Haag (met o.a. ex-defensieminister Joris Voorhoeve) aangeduid als ‘de gebroken pijpleidingen’ van het rechtssysteem. Wat er ook maar in de wet staat, wat de jurisprudentie van een land ook aanduidt, je hebt er niks aan als het systeem verrot is. Een duivelse mix van juridisch onrecht en ethische vuiligheid.
Ik citeer Haugen: ‘Aan micro-leningen voor nieuwe naaimachines hebben de armen niets als de plaatselijke politie hun winsten steelt. Beroepsopleidingen bieden geen hulp aan mensen die in de gevangenis gegooid zijn omdat ze een omkoopbedrag niet wilden betalen. Landbouwgereedschappen hebben geen nut voor weduwen van wie het land is gestolen. Plaatselijke medische klinieken kunnen geen hulp bieden aan werknemers' (slaven!) die geen toestemming krijgen om de fabriek te verlaten, zelfs niet als ze ziek zijn.’
 
De kleren hebben geen keizer. Dit is het omgekeerde van de titel van Andersen uit 1837, over de keizer die geen kleren had. Met de rechtssystemen van deze wereld is het vaak hetzelfde: ze zijn een soort vogelverschrikkers zonder dat er een persoon onder zit.  Een lege huls. Als je ermee in gesprek wilt komen, word je teleurgesteld: nik, nop, niemendal.
De apostel Johannes spreekt in 1 Johannes 3 over liefde en gerechtigheid. Liefde staat tegenover haat, een fenomeen dat zich vaak verstopt in onverschilligheid. Gerechtigheid staat tegenover zonde of wetteloosheid. Sinds kort na het begin van de wereldgeschiedenis is zonde in de wereld geweest, zegt Johannes, en hij noemt Kaïn en Abel. De ene broer, Kaïn, gunde de ander, Abel, het licht in z’n ogen niet, en hij sloeg hem morsdood. Soms wordt de ander nog nét niet doodgeslagen, zodat we kunnen doorgaan met geld uit hem te wringen.
Wat zet je daar nu tegenover? Gerechtigheid en liefde.
Liefde is niet genoeg. Als ongerechtigheid niet krachtig en radicaal wordt ontmaskerd, heb je nieuwe kleren zonder keizer.
Gerechtigheid is ook niet genoeg. Streng rechtvaardig te denken en zelfs te handelen - dat is nodig, maar God is niet alleen rechtvaardig. Hij houdt ontzettend veel van ieder mens, zelfs van hen die wij helemaal niet zien zitten.
Als iemand zelf een goed leven heeft, en daarbij z’n medemens gebrek ziet lijden, en hij doet de deur van z’n hart op slot, dat kan toch nooit? - zegt Johannes. Gods liefde is een geweldige kracht, een enorme stormwind, die móet van binnenuit je hart toch open blazen?
Dan denk ik aan de vrouwen die zich dag in dag uit afbeulen voor hun pooiers. Aan de kinderen die lange uren zwoegen in de steengroeves - van de leeftijd van m’n kleinkinderen die elke dag vrolijk naar de basisschool gaan.
De kleren hebben een Koning. Zijn naam is Jezus. Als wij onszelf met Hem bekleden, wordt Hij door ons zichtbaar.
 

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

12
september
Ik houd mezelf JHWH voor, voortdurend’ (Psalm16:8) ‘Waak over mij, God!’ (Psalm 16:1)   Soms (vaak, misschien wel altijd) weet

Lees verder >>

01
september
interTXT   U6   Vijfentwintig kilometer boven NImes vind je zonder problemen het plaatsje Uzes. Wij zijn daar wel eens

Lees verder >>

23
july
Zou het niet prachtig zijn als er zo’n tempel was, net als bij Ezechiël, waaruit een rivier stroom die leven

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief