Henk Medema
24
NOVEMBER

Uitgeven door ingeving

‘Luther publiceerde zijn 95 stellingen door ze aan een houten deur te spijkeren. Wesley predikte vanaf zijn paard. Graham maakte gebruik van televisie. En Warren doet aan Twitter.’   Dezer dagen getwitterd door Rick Warren, voorganger in Saddleback, California, en auteur van de mega-seller DOELGERICHT LEVEN. Er zijn zo’n kleine tweehonderdduizend mensen die Warren ‘volgen’ aan de hand van zijn tweets. In een paar reuzenstappen een half millennium door, en je ziet het verschil in de media. Nou ja, verschil – juist ook weer niet. Want stel je maar eens voor hoe de inwoners van Wittenberg en de studenten aan de universiteit van het Saksische stadje op Allerheiligen, 1 november 1517, samendrongen op het kerkplein. Een enorm gekwebbel zal het geweest zijn, als een veelkoppig vogelkoor. Getsjilp, getwitter. Iedereen zal z’n mening hebben gehad, en zo werd precies de bedoeling van die ene monnik bereikt. De boekdrukkers, die veelal ook uitgevers en boekverkopers waren, vochten erom de stellingen op hun drukpersen te krijgen. Zo was binnen een paar weken heel West-Europa vol van de gedachten die Luther eigenlijk keurig had willen inkaderen in een theologische disputatie.   Aan het begin van het derde millennium van onze jaartelling is de boeken- en mediawereld ongelooflijk gegroeid, en dat vooral sinds de laatste halve eeuw. Door de ontwikkelingen van het laatste decennium zijn wij, binnen het boekenvak, achter de oren gaan krabben: hoe komt het dat het niet meer werkt, wat door Gutenberg was uitgevonden en na Wittenberg de mensenmenigte in beweging bracht? Laat me dit mogen toepassen voor het boekenvak, en daarbij drie termen gebruiken die in de eenentwintigste eeuw passen. Postmodernisme. Ingeving. Personal branding.  

Postmodernisme

Sinds Descartes is de westerse wereld gekenmerkt door de Verlichting. Sinds (zeg maar eens) 1789, de Franse Revolutie, tot aan (zeg) 1989, de val van de Berlijnse Muur, hebben wij geleefd in de cultuur van de moderniteit: alles werd ingepakt in rationaliteit, beheersbaarheid, steeds scherper en steeds steviger in systemen ingekaderd. De laatste jaren ademen wij postmoderniteit in. Het posmodernisme zegt: de tijd van de grote verhalen is ten einde. Anything goes, zei Paul Feyerabend. Waarheid en niet-waarheid kan allebei waar zijn. Als christenen verzetten wij ons met kracht tegen de idee dat er geen waarheid meer zou bestaan, of dat die onkenbaar zou zijn. Maar niet álles in deze stroming is verkeerd, en we doen er goed aan de vraag te overwegen die de Amerikaanse christen-filosoof James K.A. Smith stelde in de titel van zijn boek: Who is Afraid of Postmodernism?  

Uitgeven bij ingeving

Deze cultuurstroom heeft ook het boekenvak langzaam maar zeker gegrepen. In die manier van denken en leven past het motto ‘uitgeven bij ingeving’. Een uitgever gaat de wijde wereld in. Soms heel ver weg, soms dichtbij, ziet hij mensen, trends, gebeurtenissen, uitdagingen. (Daarvoor hoeft hij nauwelijks te reizen, behalve virtueel, door het internet!) Hij vormt netwerken, ontmoet auteurs, ziet content, inhoud – en als hij er content mee is, worden de volgende stappen gezet. Misschien gaat het wel een boek worden. Of een tijdschriftartikel. Een blog alleen, misschien? Of een e-book, of een app? Aan de ene kant is er niks mis mee, voor uitgevers in het algemeen, en ook voor christelijke uitgevers. Moeder Teresa zei: ‘Ik dien het gezicht dat ik vóór me zie’ – en zo is het: wij laten ons leiden door de Geest in de speciale momenten die de Heer ons geeft. Tegelijk is er ook behoefte aan een schepere focus, een wijdere visie. Jazeker: het is hooginteressant dat de markt open is om ernaar te luisteren, en ingevingen te krijgen. Het is mooi dat de markt open is om er onze media-uitingen in kwijt te kunnen, en uitgaven te produceren. Maar we zitten met een probleem. Het landschap is doorsneden met allemaal muurtjes en hekjes, deuren en doorgeefluikjes. We noemen dat het boekenvak. Een groot deel van onze uitgaven moeten aan de man gebracht worden via grossiers en boekhandelaren. Dat is mooi, want als het goed is, verstaan zij hun vak. Maar rond 2010 is het zelfs dán niet zo mooi en makkelijk meer, want ‘de man’ (of ‘de vrouw’) is er inmiddels achter gekomen dat hij hen niet meer nodig heeft. Het internet opent ongekende werelden. Ook Amazon en bol.com zijn bereikbaar, zelfs via de laptop of iPhone die je bij je draagt.  

Personal branding

Een derde term dus, om ons als uitgevers nog meer aan het denken te zetten: personal branding. Deze marketing-benadering dateert van rond de laatste eeuwwisseling. Je hébt niet een of meer merken, je bént een merk, de verpersoonlijking ervan. De ‘markt’ bestaat immers ook uit mensen, en als je je daarin wilt bewegen en je product ‘aan de man’ wilt brengen, dan zullen die mensen juist het menselijke karakter, de warmte van een persoon, de richtinggevende keuze herkennen. In ieder geval wil je en kun je daardoor die mensen in beweging zetten, anders naar de wereld laten kijken, zodat ze interesse krijgen voor jouw verhaal. Marketing is the management of perception. Dat betekent dat een uitgever niet zozeer iets moet brengen, maar iemand moet zijn, herkenbaar in de mensenwereld – zonder dat zijn uitgeversactiviteiten schuilgaan achter zijn firma, zijn imprint, de tussenhandel. En dat hij een auteur moet meenemen, die ook vindbaar en herkenbaar kan zijn, die aanwezig is in die mensenwereld. Zonder dit verder te kunnen uitwerken, wil ik hier de gedachte opperen dat dit machtig interessant is. Dit is wat de generatie van de eenentwintigste eeuw wil: werkelijke en warmbloedige mensen te ontmoeten, van hen te horen hoe ze denken en voelen en handelen. Dit is ook wat de kern is van een christelijke benadering: Jezus, die handen en voeten krijgt in zijn discipelen, belichaamd in zijn gemeente. Een gemeenschap die Hem tastbaar laat voelen, in daden maar ook in woorden. Problemen? Nou en of. Zo zitten grote en kleine uitgeversbedrijven niet in elkaar. Zo werkt het niet in het landschap van het boekenvak, want de boekhandelaar ontmoet hoogstens een paar keer per jaar een vertegenwoordiger. En de grote internetboekhandels lijken de anonimiteit alleen maar te versterken, als de auteur niet (via eigen website, blog, sociale media) naar buiten treed. Maar hier ligt de uitdaging. Hic Rhodus, hic salta – of zoals Hegel ervan maakte: hier ist die Rose, hier tanze. En dat mag de lezer weer opzoeken via Van Dale, óf Google – dan weten we gelijk of je van de twintigste- of van de eenentwintigste-eeuwse generatie bent…  

Laat hier een reactie achter



0 Reactie(s):

Recente artikelen

12
september
Ik houd mezelf JHWH voor, voortdurend’ (Psalm16:8) ‘Waak over mij, God!’ (Psalm 16:1)   Soms (vaak, misschien wel altijd) weet

Lees verder >>

01
september
interTXT   U6   Vijfentwintig kilometer boven NImes vind je zonder problemen het plaatsje Uzes. Wij zijn daar wel eens

Lees verder >>

23
july
Zou het niet prachtig zijn als er zo’n tempel was, net als bij Ezechiël, waaruit een rivier stroom die leven

Lees verder >>

Bekijk het blogarchief